HELP, wat moet ik aan?!

Blog voor Bureau Europa's dialoog over 'Maastricht Modestad: feit of fictie?' met o.a. Branko Popovic (FASHIONCLASH), Kiki Niesten (mode ondernemer) en modejournalist Milou van Rossum (NRC) dat plaats heeft gevonden op vrijdag 29 juni 2018 in Lumiere Cinema.

 

Maastricht Modestad, feit of fictie?

Maastricht Modestad, feit of fictie? Deze vraag is beslist al eerder in menig hoofd, achter gesloten deuren, aan tafel en – zoals nu - en publiek gesteld, met een afwisselend antwoord, afhankelijk aan wie je de vraag stelt én op welk moment. Een snelle Wikipedia-check, Google-zoekopdracht of #modestad toont al de verschillende dimensies en eindeloze mogelijkheden van hoe een modestad kan worden gezien, beschreven of ervaren. Van de ‘Big 4’ als Parijs, New York, Milaan en Londen tot Kopenhagen, Antwerpen, Amsterdam, Arnhem maar ook Geleen, Düsseldorf en Hasselt hebben ambities. "Onderscheidend" en "gedefinieerd" door de aanwezige mix van ingrediënten als designers, ateliers, flagship stores en productie tot design academies, talent incubators en catwalks. Een ding is zeker, Maastricht is niet bepaald de enige die een gooi doet naar dit label.

De term Modestad is eigenlijk een vreemde woordcombinatie, laat staan dat men besluit om er een te ‘worden’. Als marketeer past het jasje (of wordt het passend gemaakt), als modeliefhebber jeukt het toch aan alle kanten. Bedoelen ze sóms niet winkelstad..?

 Artist: Libby Oliver,  Soft Shells,  2017. (image courtesy of the artist)   www.chewonthisart.com   @chewonthisart    Libby:  I'm not looking to demonize the people that participate in my project, but rather emphasize we're all in this consuming individuality contradiction. And, there is something ironic about the consumability of my images and art...

Artist: Libby Oliver, Soft Shells, 2017. (image courtesy of the artist) 
www.chewonthisart.com @chewonthisart

Libby: I'm not looking to demonize the people that participate in my project, but rather emphasize we're all in this consuming individuality contradiction. And, there is something ironic about the consumability of my images and art...

Gevoel voor Mode

Ik was 6 jaar en de Eerste Heilige Communie stond voor de deur. Met mijn moeder was ik inmiddels al aardig wat winkels in en uit gelopen op zoek naar dé jurk. Na de 5e winkel had mijn moeder het een beetje gehad en zei(voor de grap): “Als je zo goed weet wat je (niet) wilt, waarom maak je het dan niet zelf!” En daar was mijn eerste ‘gevoel voor mode’. Mijn ogen lichtten op en mijn moeder wist dat ze op zoek moest gaan naar een coupeuse. Mijn geel met roze bloemetjes communie ensemble heb ik nog steeds en hoewel zwart het nieuwe geel is geworden, is mijn liefde voor mode nooit weggegaan. Vraag menig modeliefhebber en -kenner en ik garandeer je, ze hebben ook zo’n soortgelijk verhaal: het moment dat je beseft dat mode meer is dan de kleren die je kan dragen.

Mode staat voor mij dan ook voor veel meer dan winkels, labels, catwalks, designers, fashion weeks,… voor meer dan dat wat in mijn kledingkast hangt. Mode wordt gekenmerkt door een evoluerend karakter gebaseerd op feit én fictie, een op zichzelf staande schoonheid en een daadkrachtig silhouet alsmede de diversiteit en de creativiteit van de mens. Mode wordt gevormd en gecreëerd over tijd en niet alleen gedefinieerd door iets wat je nú in de winkel of online kan kopen. Mode staat – vind ik - als geen andere kunstvorm voor identiteit. En misschien zit precies daar de crux. Een modestad draagt een identiteit uit, een winkelstad verkoopt en koopt identiteit(en).

 Kiki Niesten etaleert de Lernert & Sander's  bag bag  verwijzend naar de modewereld als een soort Rupsje Nooitgenoeg (maart 2017).   

Kiki Niesten etaleert de Lernert & Sander's bag bag verwijzend naar de modewereld als een soort Rupsje Nooitgenoeg (maart 2017).

 

Artist: Libby Oliver, Soft Shells, The Gang, 2017  www.chewonthisart.com @chewonthisart

Rupsje Nooitgenoeg

In dit dynamische digitale tijdperk lijken onze voorkeuren, behoeften, interesses en (sub)culturen echter bijna dagelijks te veranderen. Trends en technologische ontwikkelingen volgen elkaar in hoge snelheid op en de ‘One day you’re in and the next day you’re out’ is een dagelijkse realiteit. De 4,3 miljard dollar aan onverkochte kledingstukken van H&M – die zoals ze zelf zeggen sustainability hoog in hun vaandel hebben staan .. - toont eens te meer dat de huidige mode industrie ons bij voorkeur ziet als consumenten waar geld (en bij voorkeur meer geld) aan verdiend kan worden. Kerstshoppen, Valentijnsdag, Non-Stop Sale en Black Friday maken allemaal deel uit van het 'Shop Till You Drop'-spel, uitgevonden om de economie - en een stad - draaiende te houden.

De oproep voor transparantie, sustainability en een circulaire economie, evenals verschillende fashion revoluties hebben de dialoog op gang gebracht over de huidige problematiek in de mode-industrie, waarbij wereldwijd blootgesteld wordt WAT er gebeurt – van arbeidsomstandigheden tot de impact op het milieu - en WAT we beter moeten waarderen, duurzamer moeten ontwerpen, lokaal moeten produceren en meer moeten recyclen. Er wordt kritischer gekeken naar de industrie, de merken, de media en de politiek én de ware betekenis van authenticiteit en beauty wordt onder de loep gelegd. Maar wanneer gaan we onszelf ook eens actief bevragen WAAROM? 

Min of Meer

Wanneer zijn we ons hoofdzakelijk gaan gedragen als consumers en zijn we onze waarden en het collectief belang uit het oog verloren? Aanvankelijk behoorden tot de identiteit en betekenis van het woord 'consument' ook het claimen en vieren van onze vrijheid in keuze, alsmede het verhogen van de norm. Maar is dit nog steeds het geval vandaag de dag, in een wereld die lijkt te worden gedomineerd door een consumptie mindset en marketing taal? We zijn meestal op zoek naar datgene dat ons persoonlijk het meeste biedt en het minste kost. 

Het streven naar financiële winst, kostenbesparende technologieën en marketingtrucs lijken er voor gezorgd te hebben dat wij(bewust of onbewust) steeds meer willen voor minder en mode wellicht hierdoor ontdaan is van haar ware identiteit en niet meer is geworden dan kleding, in de ergste vorm, om bij voorkeur zo snel mogelijk weer vervangen te worden voor iets nieuws. Wetende dat onze kleding in principe onze persoonlijkheid toont, kunnen we daaruit opmaken dat we ook snel verveeld zijn met onszelf? Is onze identiteit ook vervangbaar geworden? Als dat het geval is, heeft elk koopje ons toch misschien meer gekost dan we ons vooraf hadden kunnen bedenken…

Out of Fashion

Terug naar Maastricht: Hoewel mijn hart een sprongetje maakte toen bekend werd dat Maastricht zich wilde gaan profileren als Modestad voelde het wel een beetje ‘out of fashion’. Alsof Leeuwarden net voor onze ogen dié felbegeerde en bij alles te dragen Culturele-Hoofdstad-jas had weggekaapt en wij snel onze kledingkast in gedoken waren en opeens vol overgave gingen voor de Modestad-blouse. Nog niet helemaal in onze maat, maar daar kan wel een mouw aan gepast worden. En anders combineren we het toch met onze altijd smaakvolle Culinaire stretchbroek…?! 

Een stad wordt, net als mode, gevormd, gemaakt, gedragen en tot leven gebracht door mensen, die met passie en liefde staan voor de waarden waarin ze geloven en de langdurige schoonheid die ze erin zien. Van FASHIONCLASH, Kiki Niesten en Merle Anderson tot Ebby Port, Maarten van Mulken en Milan Palma. Zonder die hartslag is een stad doods, of eenheidsworst, overgeleverd aan de tijdelijke pulse van ambtenaren, marketeers en toeristen.

Waar voor mij de fascinatie ligt en ik zowel als marketeer als modeliefhebber de kansen zie is dat mode een universele taal is die iedereen (aan)spreekt en bij uitstek daadwerkelijk communicatie en samenwerking kan initiëren: cross borders, disciplines & definities. Maar vele woorden maken nog geen kloppend verhaal of connectie, net als lapjes stof nog geen mode is. Het fundament moet staan als een huis willen mensen er samen aan werken en bouwen. Alsmede het lef om keuzes te maken, want een collectie moet kloppen indien het een duurzaam bestaansrecht wil hebben. En laten we trouw blijven aan onszelf, want ook met Carnaval komt de schmink er op een gegeven moment vanaf.

Hoe dan ook, de passie voor mode is (nu nog) aanwezig in de stad en regio, net als die onvoorwaardelijke liefde voor Maastricht. Als stad hoef je - zoals mijn moeder deed – eigenlijk alleen maar te zorgen voor die twinkel in de ogen van de juiste mensen, te vertrouwen in hun creativiteit, en de modekennis en kunde die Maastricht herbergt te waarborgen, te faciliteren en verder te laten bloeien. Van FASHIONCLASH en de academie tot de independent designer en zelfstandige ondernemer. Het uitzonderlijke karakter van de stad Maastricht en de Euregio zorgt op zichzelf al voor een unieke pasvorm. Een die zich niet met pijn en moeite moet persen in een skinny jeans, omdat alle anderen dat doen. 

IK geloof in ieder geval in de mensen en het modetalent van Maastricht. Als ze me in London weer eens vragen van wie mijn tas, trouwring, schoenen of jurk zijn? En waar ze dat in London kunnen krijgen, antwoord ik met een twinkel in mijn ogen: “Sorry, nee, dit krijg je niet in Londen, wel in Maastricht! Een geweldige stad.”